Générateur néerlandais de faux textes aléatoires

Lorem ipsum a généré 46 paragraphes pour vous.
Vous pouvez utiliser ce texte lorem ipsum dans vos maquettes, sites web, design, ebook... Le texte généré aléatoirement est libre de droit.

Le faux texte a bien été copié

enge, bekrompene hokken, achter die dikke tralies, in die slaafsehe, weerlooze, gedrukte, angstige houding, o een beestenspel is een gevangenis, een oudemannenhuis, een klooster vol uitgeteerde bedelmonniken een hospitaal is het, een bedlam vol stompzinnigen.

Hollandsche jongen is grof fiksche knieën, fiksche knokkels.Hij is blank van vel, en kleurig van bloed.Zijn oogopslag is vrij bij t brutale af.Liefst draagt hij zijn ooren buiten zijn pet.Zijn haar is van zondagmorgen half elf tot zaterdagavond, als hij naar bed gaat, in volkomen wanorde.

wandelt een gele barouchette en een blauwen char-à-bancs voorbij, die hij onder t geboomte uitgespannen ziet, als ware t om menigeen van huns gelijken derwaarts te lokken.Hier is alles nog doodstil. t Is een liefelijke morgen.Een enkel heer met een grijzen paardenharen Saksen-Weimar, bruinen rok, grijze zomerbroek, Engelsche spikkelkousen, lage schoenen en een tenger, hoogstfatsoenlijk uiterlijk, zit aan een der houten marmeren tafeltjes van het Wapen van Amsterdam voor de deur, zeer op zijn gemak een boek te lezen.

duizend en een species van het genus Haarlemmer bekend is, weet dat zij allen des zondags haar verschillenden wandeltijd hebben iets, t welk zeer natuurlijk wordt, als men aan den verschillenden eettijd denkt, en daarbij in t oog houdt dat er veel menschen naar de middagkerk gaan, terwijl een groot gedeelte niet weet dat er een middagkerk is.

gingen Houtwaarts.Het was ruim één ure.Nu, alle welopgevoede dingen hebben hun gestelden tijd.De nachtegalen komen in t voorjaar, de vinken en lijsters in t najaar de zon schijnt bij dag, de kaars bij avond, en de maan bij nacht.Zoo is het ook met de menschensoorten.

konden, hoe zouden zij zich op den grappenmaker wreken.Hoe zou monsieur hem vierendeelen, madame hem vernielen.Hij zou t verdienen.Hij behandelt dieren als dingen.Hij verdient een dommen glimlach aan den een, een drinkgeld aan den ander.

nergens aan mogen komen, alsof men geheel handeloos en met een instinct om alles nu ook 12 maar stuk te gooien en te breken in de wereld was gekomen En dan het paaien met zoetigheid, als men zich juist gisteren te groot is begonnen te voelen voor koekjes tot den prijs van iets anders En dan de velerlei beschaamdzettingen, die men ondergaat, omdat iedereen gelooft dat een kind menig ding niet gevoelt dat hem toch diep gaat Waarlijk, waarlijk, men heeft in de maatschappij menig menschenschuw, bloohartig, en zenuwachtig wezen doen opgroeien, alleen doordat men het als kind te jong en te klein voor gevoel van waarde achtte.

M.den koning wilden gehouden hebben. Is dat een rok van je vader vroeg Nurks grappig aan den jongen, die hem zijn limonade bracht, en zich zeker niet zeer bekrompen in dat kleedingstuk bewoog. Ik heb geen vader, zei de arme jongen, en het ging mij door de ziel.

Wandelt de natuuronderzoeker voort, dan ziet hij in t voorbijgaan eerst nog een dergelijken troep, die zich in den aanblik van het Paviljoen verlustigt, en waarvan al de individu s, om zich te overtuigen dat het geen droom is, zich met beide handen aan de spijlen van het hek vastklemmen, zich bij geen mogelijkheid kunnende verklaren wat voor aardigheid of vroolijkheid er wezen mag in de groep van Laokoön, maar op dit punt overeenkomende, dat de W in het frontispice Wullem beduidt.

hoewel een aardigheid te zeggen het alleruitmuntendste zou zijn, en er een schat van aardigheden mogelijk is, zoo is het evenwel bijzonder opmerkelijk, hoe weinig men er dikwijls op zulk een oogenblik bij de hand heeft.Zoodat de critische hoedeninspecteur gewoonlijk de voldoening heeft eene kleine verlegenheid te weeg te zien gebracht, welke hij met demonischen wellust geniet.

voorste zat zoo vast als een muur.Zes dagen lang verborgt gij uw leed somtijds vergat gij het maar zesmaal daags, midden onder uw spel, bij het genot van de lekkerste krakeling, onder t bewerken van de zoetste ulevel daar stond weer eensklaps voor uw oog, die akelige, allerakeligste dubbelheid Uw eenige troost was, dat de voorman vanzelf wel wat losser zou worden.

beau-monde verscheen met al zijn gedistingueerde geuren en kleuren met al de pracht van vederen, sjaals, parasols, mantilles, amazones, koetsiers, rijtuigen en rijpaarden.Ik had het ongeluk gehad Nurks te voorspellen, dat hij een brillante nieuwe equipage zou zien.

Alles luid genoeg om verstaan te worden door de respectieve eigenaars van het mormel, de leelijke koppen, en den jongen heer.Er zat een statig man, wiens geluk half weg was, omdat hij in den morgen bloemen gezien hebbende in het Cieraad van Flora, bij het inkruipen van een enge broeikas, eenigszins aan een spijker was blijven haken.

bijna overtuigd zijn, dat mijn beminnelijke neef Nurks, de eerste maal dat hij er mij mee zag, met den hatelijksten glimlach van de wereld en met een soort van ontevredene verbaasdheid zeggen zou Wat een weergaschen gekken hoed heb jij op.

alles antwoord ik u ik haat het beestenspel en ik zal u de reden van mijn afgrijzen uiteenzetten.Een beestenspel Weet gij wat het is Eene verzameling, zegt gij, van voorwerpen van natuurlijke geschiedenis, even belangrijk voor den dierkundigen Als voor den beestenvrind, wilt gij zeggen Neen, als voor ieder mensch, die er belang in stelt zijn medeschepselen op dit wijde wereldrond te kennen.

dikwijls den maatstaf, waarbij hij de kinderen meet, te klein en te bekrompen neemt, en menige vreugd, die hij den jeugdigen van harte gunt, terughoudt omdat hij in zijne mannelijke wijsheid besluit dat zij er eigenlijk nog te klein voor zijn, en er waarlijk nog niet aan zouden hebben.

poetjes van gratietjes, zei Nurks lachende, en luid genoeg om een langen procureursklerk mee te doen lachen, die veel verder van hem af was dan de gratietjes in quaestie.Het snarenspel begon, Nurks stopte van tijd tot tijd den vinger in de ooren, dat toch niet opwekkelijk wezen kon voor drie kunstenaressen, die ook wel wisten dat het zoo heel mooi niet was, en ook niets verder bejaagden dan een dubbeltje of een stuiver van elk der toehoorders, en een weinigje geduld.

kreeg die zoodra niet in het oog, of hij vroeg mij ongeduldig 29 Wanneer komt nu die mooie equipage, waar je van gesproken hebt En zoo was het telkens, tot groote ergernis van Boerhave, die evenwel nog al aardig vrijliep, maar wiens horlogesnoer ijselijk door Nurks gefixeerd werd, zoodat hij alle oogenblikken dacht dat er iets op komen zou, en eindelijk dan ook zijn rok maar toeknoopte.

alles duisternis.Let op Wat is dat t Is het glinsteren van twee oogen gloeiende kolen.Hoor toe Dat was de donder niet het was een schor gehuil het diepe geluid van een leeuw die ontwaakt.Hij tilt zich uit zijn hol naar boven.Hij rekt zich uit.

Indien gij uit dit kleine voorbeeld van mijn hoed het is in t oog loopend hoe dikwijls hoeden tot voorbeelden dienen niet een vrij beslissenden kijk op mijn neef Nurks karakter hebt, dan zal het heele verhaal, dat ik schrijven ga, nutteloos aan u verkwist zijn, lezer, en dan zal ik ook zoo vrij zijn u tot uw straf te houden voor een sprekend evenbeeld en wedergade van dienzelfden Robertus Nurks.

intusschen verkeerd doen, zich dien waardigen Amsterdamschen jongen voor te stellen als ongelukkig, ontevreden, of zwartgallig.Hij was alleen maar hatelijk, en zulks deels uit gewoonte, deels uit een diepe en misschien voor hemzelven verborgen jaloezie.

muziek.Drie dames met lange reticules en opmerkelijk door roode linten op de muts, oranje tissu s om den hals en voorschooten met diepe zakken met schuifjes.Eene breede sproeterige Saffo met een hooge sproeterige harp in het midden, en twee tanige vrouwen, die met handen vol diamanten, die een sterken familietrek van glas hadden, op de viool speelden.

Leidschen makker bij mij gelogeerd, met wien ik te Zomerzorg eten zou, om vervolgens over Velzerend naar Velzen te wandelen, waar wij den nacht zouden doorbrengen om s morgens naar de Breezaap te gaan en aldaar wat te botaniseeren, waarvan wij beide groote liefhebbers zijn.

onderscheidt hem van eenig tam beest Wat van dien lagen hyena, die de kerkhoven schoffeert van dien gevlekten tijger, viervoetige slang die van achteren aanvalt van dien wolf, dien een kloek kozak dood geeselt van dien afschuwelijken mandril, hansworst der verzameling van al die walgelijke apen, daar zooveel menschen zich vroolijk mee maken Altemaal zijn zij opgesloten de vorst als de knecht, de vorst meer dan allen.

uzelven zijn de zaden aanwezig van veel onheils en veel verdriets.Uwe voortvarende drift, uwe onschuldige teederheid, tot opvliegendheid, eerzucht en wellustigheid gerijpt uwe levendigheid en onafhankelijk gevoelen, tot wereldzin en ongeloof verhard O, als gij in later jaren op uwe kindsheid terugziet, dat, dat zal de vreugde wezen, die gij het meest benijdt en nu toch het minst geniet, dat gij zooveel minder boos waart, dat gij zooveel onschuldiger waart tot zelfs in het kwaaddoen toe.

leelijkert had duidelijk bemerkt, dat ik het voor t eerst aanhad en er van tijd tot tijd met innig welgevallen naar keek.Ik stak onmiddellijk mijn beenen onder de tafel want het was mij op zijn minst vijfenzeventig maal gebeurd, dat hij, met een opgetrokken neus naar de punten van mijn schoenen loerende, mij had afgevraagd Waar laat je die turftrappers maken Van een goedigen krulhond, die met veel liefde door een oud man gestreeld werd, heette het Wat een mormel Van een paar schimmeltjes, die voor de deur stilhielden en waarmee de eigenaar met groot zelfbehagen pronkte Leelijke koppen Van het kindje in beugels, dat al van half elf gewandeld had en er schrikkelijk verhit uitzag Als ik er zóó eentje had, deed ik het een steen om den hals.

baatzucht, maar de deftige wetenschap heeft hen bijeenvergaderd.Zij staan hier niet te kijk, zij staan hier tot uwe onderwijzing.Hunne namen worden in eerbiedig Latijn genoemd.Zwijgend gaat men langs hunne rijen, met al het ontzag, dat men voor de dooden heeft.

verbeeld mij nog al onder de vlijtigste behoord te hebben maar toch, wanneer mijn vader of moeder mij de eer aandeed van aan mijn ooms en tantes te vertellen dat ik altijd blij was als de vacantie uit was, kwam mijn gansche gemoed tegen dat edel denkbeeld dat mij ondertusschen vrij dweepachtig voorkwam op, en ik heb jaren noodig gehad om zekere angstige schuwheid voor mijn respectieve meesters te leeren overwinnen.

jeugd is heilig zij moet voorzichtig en eerbiedig behandeld worden de jeugd is gelukkig, maar men moet zorgen, dat zij zoo min mogelijk deelt in de rampen der samenleving, voor zoo ver zij die in hare jaren kan ondervinden.Men moet haar soms kwellen en lastig vallen tot haar nut maar passen wij vooral op, dit niet te overdrijven Een geheel volgend leven kan geen gedrukte jeugd vergoeden want welke zaligheid zouden latere jaren te stellen hebben tegenover het verspeelde geluk eener schuldelooze jonkheid Neen, ik wil niet naar t beestenspel Ik houd er niet van.

volgde een gesprek, voornamelijk bestaande uit eenige informatiën naar wederzijdsche kennissen, waarin geen enkele onaangenaamheid voorkwam, dan dat hij, toen ik naar een zeer intiemen vriend vroeg, dien hij zeer wel kende, noodig had zijn geheugen op te scherpen met de herinnering, of het die was, wiens broer die smerige affaire met de politie gehad had, opdat Boerhave, die daartoe al den tijd had, zoo mogelijk allerlei vermoedens tegen de familie zou kunnen opvatten.

Malle dingen Anders een goed fatsoen.Ik hou niet van die ronde boorden. Boerhave en de nederige inwoner van het malle, kleine stadje waren er mooi mee hij verbeeldde t niet gezien te hebben. Kanje nog al niet rooken, Hildebrand Ik vloog naar den portecigares en bood hem dien aan.

gebeurde alzoo dat, als wij drieën om één uur de Houtpoort uittraden, wij noodwendig op hun terugtocht tegenkwamen de kleine winkeliers met de lange roksmouwen, de boekhouders met de watten, de hooghoedigen, de langpandigen, de langlijvigen enz.

Edoch het was bestemd, dat hij den zondag van den 15den Juli in den Haarlemmerhout zou doorbrengen. Ha, hoe maakje t, Rob riep ik uit toen hij binnenstapte. Mijn vriend, de student Boerhave, neef. Was het valschheid dat ik hem hartelijk ontving Ik geloof neen.

onbegrijpelijk moeielijk schoon ik gaarne beken, dat de een zich daar handiger in gedraagt dan de ander, en ik niet een van de gauwsten ben nu is het onbegrijpelijk moeielijk, onder eene dergelijke critische verklaring omtrent uw hoed, een tamelijk figuur te blijven maken.

Heerscht, dwingt, gebiedt, overweldigt, beschikt zet uw krijgsburcht op den rug der elefanten legt uw pak op den nek der buffelen, zet uw tanden in het oor van onagers, jaagt uw lood door het voorhoofd der tijgers, en maakt hun vacht tot schabrak uwer paarden overwint als een Cesar de wereld, en spant als een Cesar vier leeuwen voor uw triomfkar.

rekenen vele moeders er naar t schijnt niet op, dat niet alleen de beenen, maar het geheele lichaam groeit, en dat het diensvolgens op goede natuur- en wiskundige gronden te bewijzen is, dat, al kunnen de broekspijpen worden uitgelegd, het overige gedeelte van dat kleedingstuk hetzelfde blijvende, men eene niet zeer aangename bekrompenheid in de circumferentie van het lichaam gewaar wordt, die ook al weer de oorzaak is van menig nieuw kruis, in een dubbelen zin, en van ontelbare scheuren.

harte mede in maar ik neem de vrijheid te mogen opmerken, dat ze alleen door menschen van leeftijd, of ten minste door jongelingen geschreven zijn, van wier standpunt gezien, het kinderlijk geluk bijna geen uitzondering toelaat.En zeker, zeker is dat een droevig bewijs voor den treurigen toestand van later dagen.

toch, de meester is zoo dik, en de ondermeesters zijn zoo lang, en hunne brillen en bakkebaarden zien er zoo onverbiddelijk uit, en de borden zijn zoo zwart, en de tafels zoo ongezellig, en de kaart van Nederland hangt zóó lang op dezelfde plaats, dat wij er de kleine scheurtjes en 7 inktvlekjes nog beter op weten aan te wijzen, dan de steden der toen was t nog 17 provinciën1.

v.dat de oudste de wijste zijn moeten.Ik spreek van al die rampen niet, want mijn stuk is reeds veel te lang.Mocht het maar sommige mijner lezers bewegen, om nog kiescher te worden omtrent de jonge harten der kleinen en nog oplettender om hun kleine verdrieten te sparen en groote genoegens onbeknibbeld te laten genieten.

gegeven, maar nu rustig in Den Hout een sigaar zittende te rooken ontdekt hij te midden zijner overpeinzingen een kleinen winkelhaak in zijn pantalon, vlak bij de knie.Hij had het zoo haast niet gezien of hij wierp er met veel handigheid zijn zijden zakdoek over, maar te laat om de aanmerking van Nurks te ontgaan, die juist op dit zelfde oogenblik tot ons zei Ik mag wel zoo n maneschijntje.

sedert halftien op de school, waar gij den voet hebt ingezet, met benijding terugziende op de armelui s kinderen, die geen opvoeding krijgen en duitjen òp speelden op straat.Eerst hoeft men u gedwongen met al uwe speelsche lotgenooten het lied aan te heffen Wat vreugd, het schooluur heeft geslagen, Waarnaar elk kind om t zeerst verlangt.

trouwens even goed als ik.Wij namen plaats bij Stoffels.De onbeleefdheden, die tot nog toe alleen aan ons beiden verkwist waren, werden nu ook algemeen 28 verkrijgbaar gesteld.Ik zat nog niet, toen Nurks al uitriep, zoodat al de belendende gezelschappen het hooren konden Lieve hemel, Hild, wat hebje een mooi vest aan dat had ik nog niet van je gezien jammer dat het fatsoen een paar modes ten achteren is.

zielen er in samensmolten.Ik beloofde mijnen medischen student wiens naam omdat hij bang voor recensenten-hatelijkheden is, ik heb moeten beloven te zullen verzwijgen, en wien ik daarom voor t gemak Boerhave zal noemen ik beloofde mijnen medischen student, behalve de schatten van de Breezaap, ook nog bloeiende exemplaren van Aristolochia Clematitis, op den weg tusschen Zomerzorg en Velzerend en, daar hij ook eene verzameling van conchiliën er op nahield, stond hij in lichterlaaie verrukking, toen ik hem verzekerde dat op de hoogte der Blauwe Trappen de wijngaardslakken over uw laarzen 22 kruipen of t zoo niets is.

Spreek mij niet van groote-menschen-jammeren Zij halen niet bij deze.Geen koopman die op springen staat ziet met meer angst den dag tegemoet waarop hij zal worden omvergegooid, 11 dan een blijde jongen of vroolijk meisje den dag, waarop men scheiden zal van den dubbelen tand Wij zijn aan de physieke rampen.

herinner mij nog slechts twee onaangenaamheden, die Nurks mijn goeden medicus deed doorstaan, doch die even als de aangehaalde zich ook alleen bij het physionomisch hatelijke bepaalden.De eene was deze.Wij spraken over de ongelukken, die men met zwemmen kan krijgen.

gerust geweten, en met het zalig gevoel van als ijverig lid der maatschappij uw plicht gedaan te hebben, zoudt gij uw lei aan den ondermeester overgeven om te laten nacijferen.Maar neen het hatelijk rekenboek geeft, onder den verwaanden titel Uitkomst, op 95 lasten, 2 mudden, 1 schepel rogge, en niet ééne kop of maat.