Lorem ipsum a généré 30 paragraphes pour vous.
Vous pouvez utiliser ce texte lorem ipsum dans vos maquettes, sites web, design, ebook... Le texte généré aléatoirement est libre de droit.
Le faux texte a bien été copié
wenschte hem op een allerliefste buitensociëteit vol vermoakelijkheden, of op een dolprettig diné aan den Berenbijt, met drie leden van De Munt en zeven van Doctrina, waar men elkander allergeestigst met het wederzijds ophemelen der beide sociëteiten plagen kon, tot groote bemoeilijking van den elfden man, die lid van beiden was, en den Doctrinisten wel gelijk wilde geven, omdat ze de meerderheid hadden, maar den Munters niet afvallen, omdat ze de grootste heeren waren.
beter van zijn moeder kan overnemen, dan uit de classieke literatuur halen.Trouwens hij verstond maar zeer weinig Latijn.Indien Robertus Nurks zeker wist dat gij half verliefd waart, hij zou de gelegenheid vinden om het voorwerp uwer stille genegenheid in het gesprek te pas te brengen, onder de voor u hartdoorsnijdende 21 bijvoeglijke naamwoorden van leelijk, dom, onbeduidend, mal, of dergelijke.
ontneemt u het schoone zinnebeeld der moederliefde, dat gij in den pelikaan zaagt, en maakt liever een slaapmuts van zijn onderkaak.Ellendige potsenmaker, straffeloos lasteraar, die zijne beteren bespot.Met een paar knevels en een stok loopt hij om, en speelt den held onder de gevangenen.
illusiën, heeft de leeuw zijn prestige nog Zijt gij nog bang voor dien bullebak Gelooft gij nog aan de schets van zoo even Zegt gij niet Laat hem komen, als hij kan Onttroonde koning Gekrompen reus Zie, hij is voorzichtig in al zijne bewegingen hij neemt zich in acht, om zijn hoofd niet te stooten, zijn muil niet te bezeeren, zijn staart niet te schenden.
leelijkert had duidelijk bemerkt, dat ik het voor t eerst aanhad en er van tijd tot tijd met innig welgevallen naar keek.Ik stak onmiddellijk mijn beenen onder de tafel want het was mij op zijn minst vijfenzeventig maal gebeurd, dat hij, met een opgetrokken neus naar de punten van mijn schoenen loerende, mij had afgevraagd Waar laat je die turftrappers maken Van een goedigen krulhond, die met veel liefde door een oud man gestreeld werd, heette het Wat een mormel Van een paar schimmeltjes, die voor de deur stilhielden en waarmee de eigenaar met groot zelfbehagen pronkte Leelijke koppen Van het kindje in beugels, dat al van half elf gewandeld had en er schrikkelijk verhit uitzag Als ik er zóó eentje had, deed ik het een steen om den hals.
rekenen vele moeders er naar t schijnt niet op, dat niet alleen de beenen, maar het geheele lichaam groeit, en dat het diensvolgens op goede natuur- en wiskundige gronden te bewijzen is, dat, al kunnen de broekspijpen worden uitgelegd, het overige gedeelte van dat kleedingstuk hetzelfde blijvende, men eene niet zeer aangename bekrompenheid in de circumferentie van het lichaam gewaar wordt, die ook al weer de oorzaak is van menig nieuw kruis, in een dubbelen zin, en van ontelbare scheuren.
morgen, na ochtendkerktijd, bij mij komen, en s avonds met den wagen van achten weer vertrekken.De uren daartusschen zouden wij aan de vriendschap en het genoegen offeren. Ondertusschen had ik plan gemaakt voor eene andere vriendschap en een ander genoegen.
Vermaakt u zoo gij nog niet genoeg hebt van barbaarsche vermaken met hunne krachten, met hun moed, met hun heldeneinde niet met hunne slavernij, niet met hunne ontaarding, niet met hun heimwee, niet met hun teringdood.Onbegrijpelijk veel menschen hebben familiebetrekkingen, vrienden of kennissen te Amsterdam.
drukt zich niet meer uit.De leeuw stierf in den leeuw de tijger is dood in den tijger.Uwe teekening zou zijn als een portret naar een lijk ontworpen.Gij kunt even zoo goed een petit-maître onzer eeuw tot model voor een zijner Germaansche vaderen stellen, of een mummie afbeelden, en zeggen zoo is een Egyptenaar Nauwelijks kunt gij hunne vormen, hunne omtrekken, hunne evenredigheden zien of berekenen onder de slagschaduwen dezer vierkante kooien.
gerust geweten, en met het zalig gevoel van als ijverig lid der maatschappij uw plicht gedaan te hebben, zoudt gij uw lei aan den ondermeester overgeven om te laten nacijferen.Maar neen het hatelijk rekenboek geeft, onder den verwaanden titel Uitkomst, op 95 lasten, 2 mudden, 1 schepel rogge, en niet ééne kop of maat.
wenschte ik mijn medeschepselen te zien, zoo als ik ze op plaat I.van iederen prentenbijbel zie, in aardige groepen door elkander geschikt, allen in hunne natuurlijke houding den leeuw, met een opgeheven voorpoot, als op brullen staande de kaketoe, van een boomtak nederkijkende, als om te onderzoeken wat voor kleur van haar Adam heeft en niet, och, ik bid u, niet in die afschuwelijke ijzeren schommels een soort van groote lijsterbogen in eeuwige beweging 14 de boa in t verschiet, om den boom in schoone verleidelijke bochten gekronkeld, en naar den noodlottigen appel opziende den adelaar, hoog in de lucht zwevende, als een nauwelijks merkbare stip ja, dan nog veel liever geheel onzichtbaar, dan zóó als ik hem in een beestenspel zie Zoo zou het mij aangenaam en belangrijk zijn.
Zomerzorg en de Breezaap heen en hij werkelijk daar was, nam ik er den besten kant van en ik had hem toch ook in zoo lang niet gezien. Best, jongen mijnheer, je dienaar Jongens, wat is me dat end van de Amsterdamsche poort weer tegengevallen Mijnheer moet anders aan lange enden gewoon zijn, merkte Boerhave aan, ik geloof om zijn aardrijkskundige kennis van de hoofdstad te toonen.
tergen, en een oogenblik zult gij ze in hun kracht zien. Wee onzer, zoo dat waar is Neen, het is eene tooneelvertooning.Zij worden tot acteurs vernederd.Hun woede is die van operahelden, van beleedigde vaders in de vaudeville.
haspel in een flesch men weet niet hoe t mogelijk is dat hij er inkwam Een ziek soidaat een grenadier met geweer en wapens, berenmuts en knevels foudre de guerre in een schilderhuis Simson met afgesneden haar Napoleon op St.Helena.Als gij in t midden van deze tent staat, tusschen staatsiegordijnen en schoorsteenvallen, en ijzeren tralies, en onderstellen van wagens, en wilde dieren als gij uw oog slaat op al die vernederde schepsels waan niet dat gij leeuwen, dat gij tijgers, dat gij gieren, arenden, hyenen, beren ziet.
komen Van dat volop des kinderlijken geluks dan, schenen wij toentertijde toch niet heel vol, of althans niet zóo vol te zijn, dat wij het moesten uitstorten.Ik heb wel eens gemeend, dat het een onderscheidend kenmerk des echten, waarachtigen geluks zijn zou, dat het de minste behoefte had zich uit te boezemen, terwijl het ongeluk klachten en verluchtingen noodig heeft om van de tranen niet te spreken.
oogenblik kwam Boerhave weer binnen.Over de gelijkenis met den schoenenjood, op den hoek van de Vijzelstraat en de Heerengracht, kon ik niet oordeelen, omdat de respectieve aangezichten der respectieve schoenenjoden van Amsterdam mij niet duidelijk en onderscheiden voor den geest stonden maar op mijn vriends gelaat iets te lezen, dat denken deed dat het ooit in eenige on vermakelijke aanraking geweest was met het viervoetig dier door den vleienden Nurks genoemd, was mij t eenenmale onmogelijk.
ernst voor uw hoed op te nemen, is wat al te gek.Het met een hé, vindje dat af te laten loopen, verraadt volslagen gemis van tegenwoordigheid van geest.Te repliceeren met een hatelijkheid op des critici eigen hoed, is wat kwajongensachtig.
geval hebben zij een nauwgezetten, maar onvriendelijken bezorger gehad, als uit den inhoud van deze weinige bladzijden waarschijnlijk duidelijk worden zal.Inderdaad, ik ken vele menschen, die nog al ophebben met hunne Amsterdamsche neven, vooral als ze tot de Lezers in Felix behooren, of als ze rijtuig houden maar ik heb dikwijls verbaasd gestaan over mijne verregaande koelheid omtrent den persoon van mijn neef Robertus Nurks en niets verschrikkelijker, dan wanneer hij mij zaterdagmiddag per diligence een steen zond met een brief er aan, inhoudende dat hij mits het weer goed bleef en er niet, maar dat kwam er nooit, het een of ander in den weg kwam met mij den dag in den Haarlemmerhout zou komen doorbrengen niet dat ik iets tegen het gemelde bosch heb, maar wel iets tegen ZEd.
Nurks evenwel hoorde het met de volmaaktste onverschilligheid aan en nam zelfs onder t verhaal allerlei bijzaken waar.Nu eens, bijvoorbeeld, scheen hij zich met de borst toe te leggen op het vormen van kunstige kringen van tabaksrook dan weder blies hij, volmaakt in de houding van iemand die volstrekt niets anders te doen heeft, de sigaarasch van zijn knie, en zelfs van de tafel dan weder scheen hij al zijn aandacht en belangstelling te wijden aan zijn nog altijd ziekelijken halsboord, die nog telkens nieuwe aanvallen van flauwte had welke veelzijdigheid van oefening mijn opgewonden vriend, die van geestverrukking gloeide, op den duur weinig streelde.
bijna overtuigd zijn, dat mijn beminnelijke neef Nurks, de eerste maal dat hij er mij mee zag, met den hatelijksten glimlach van de wereld en met een soort van ontevredene verbaasdheid zeggen zou Wat een weergaschen gekken hoed heb jij op.
verder pleegde hij mij hetzelfde boevestuk met den uitroep Ik dacht dat er zooveel beau-monde in je menniste Haarlem was en weder vergunde hij mij niet in het midden te brengen, dat de geheele deftige middelstand nog achter onzen rug was, die niet voor een uur later, eerst door de hoogere ambtenaars, en daarna door de haute volée zou worden opgevolgd.
gewoonlijk hoogrood als hij binnen moet komen om aan oom en tante te vragen hoe zij varen, en spreekt bij dergelijke gelegenheid bijna geen woord maar minder spaarzaam met woorden en minder verlegen is hij onder zijns gelijken, en niet bang om voor zijn gevoelen uit te komen.
volgen, tegen halftwee, twee uren, de deftige bewoners uit de stad.De fabrikant met zijn familie, de notaris met zijn familie, de boekhandelaar met zijn familie, en de wereldsche kinderen van den geestelijke, zonder hunne ouders.Ook komen nu de bloemisten van den Kleinen Houtweg met vrouw en kroost opzetten.
grooten schreeuw gaaft gij uwe vreugde over het laatste artikel te ennen. Laat ik je mond reis effen zien, zei mama wat een dubbele tand en weg was uw vreugd Gij droopt af alsof gij op een zware misdaad betrapt waart waarschijnlijk zoudt gij onder uwe kwelling nestig en kribbig zijn tegen Keetje, het tulbandje zou geene bekoorlijkheden voor u hebben, de aardbeien geen smaak en ge zoudt naar bed gaan en droomen van den tandmeester Vergeefs beproefdet gij achtereenvolgens alle huismiddelen wiggelen met den vinger, bijten op een harde korst, die gij evenwel om eventueele pijn te vermijden, in een gansch anderen hoek van uw mond inbracht aanleggen van een draad garen, waaraan ge toch niet durfdet trekken.
bloemliefhebber kreeg een kleur als een Cactus Speciosa, om welke te verbergen hij in verwarring naar zijn zakdoek greep om zijn neus te snuiten, zoodat de maan weer plotseling door de wolken brak, tot groote vroolijkheid van een gezelschap Amsterdamsche juffrouwen en heeren uit een manufactuur-winkel, dien zich op dien merkwaardigen dag op zijn minst voor staatjufferen en kamerheeren van Z.
menagerie o Gij, heeren der schepping ik weet niet of gij in de 19de eeuw onzer jaartelling, en zoo ver van het paradijs, dien naam nog verdient.maar gij hoort hem zoo gaarne, en zijt er zoo hoovaardig op o gij, heeren der schepping laat u gelden in het 18 dierenrijk, laat u gelden bij al wat slagtanden, klauwen, hoeven en horens heeft.
nooit een leeuw gezien gij stelt u iets majestueus voor een ideaal van kracht, grootheid, waardigheid en moed een wezen geheel woede, maar bedwongen door zelfbeheersching, voor zoo lang het verkiest den koning der dieren.Welnu verplaatsen wij ons met onze verbeelding in de woestijn van Barbarije Het is nacht het is het kwade seizoen.
aardig, en wij hebben het aan de veranderde uitspraak van de namen der medeklinkers te danken, dat zij op hun vijfde jaar met kleinen Piet zeggen kunnen Nu kan ik al le-zen maar ik weet niet of kleine Piet op zijn tiende jaar, in massa, zoo veel meer geprofiteerd zal hebben 10 dan een ander, die op zijn zevende of achtste begonnen is met de spa te werken.
mannetjes zijn blauw of zwart geteekend en hebben sliknatte, fijngekrulde bakkebaarden.Ze zijn voorzien van lange Goudsche pijpen, waaruit ze òf rooken, òf die ze losjes bij den kop tusschen de vingers houden en zoo, met den steel naar beneden, onverschillig laten slingeren.
Welnu, er zijn er meer dan men denkt.Het grootworden, hoe schoon en voortreffelijk een uitvinding ook, is de oorzaak veler smarten.Want vooreerst, men steekt lange bloote armen uit de mouwen, groote en den kous uit de broek.Daarbij schaamt men zich dan gewoonlijk dat men nog rijglaarsjes of schoenen met gespen draagt, omdat er altijd eenige voorlijke knapen zijn, die al halve-laarzen hebben, en vroegtijdige juffertjes, die zich op schoenen met lange linten verheffen.