Lorem ipsum a généré 44 paragraphes pour vous.
Vous pouvez utiliser ce texte lorem ipsum dans vos maquettes, sites web, design, ebook... Le texte généré aléatoirement est libre de droit.
Le faux texte a bien été copié
namaaksel.Het is een woede van klokke halfacht.Het rammelen der boeien, als de gevangene opstaat om zijn brood en water aan te nemen.Ook in het gebrul des leeuws, het gehuil der wolven en het lachen der hyena s is een pectus quod diserfum facit.
na.Gij hebt uw lei vol met een berekening van belang driemaal hebt gij reeds de helft uitgeveegd, omdat gij bemerkte dat gij het vraagpunt niet begrepen hadt maar eindelijk, de som is af, en gij krijgt tot uitkomst 12 lasten, 7 mudden, 5 schepels, 3 kop, 8 maten rogge.
gebeurde alzoo dat, als wij drieën om één uur de Houtpoort uittraden, wij noodwendig op hun terugtocht tegenkwamen de kleine winkeliers met de lange roksmouwen, de boekhouders met de watten, de hooghoedigen, de langpandigen, de langlijvigen enz.
regenschermen.De wijfjes zijn wit.Zij houden haar opperkleed op, zoo dikwijls ze over een droppel water stappen, en dragen t geheel opgesteld als er wezenlijk plassen liggen van den regen van zaterdag.Zij eten gestadig uit haar zak sommigen in den zwerm hebben daarenboven nog een toegeknoopte kinderluur met mondkost bij zich.
ernst voor uw hoed op te nemen, is wat al te gek.Het met een hé, vindje dat af te laten loopen, verraadt volslagen gemis van tegenwoordigheid van geest.Te repliceeren met een hatelijkheid op des critici eigen hoed, is wat kwajongensachtig.
v.dat de oudste de wijste zijn moeten.Ik spreek van al die rampen niet, want mijn stuk is reeds veel te lang.Mocht het maar sommige mijner lezers bewegen, om nog kiescher te worden omtrent de jonge harten der kleinen en nog oplettender om hun kleine verdrieten te sparen en groote genoegens onbeknibbeld te laten genieten.
verschijnsel, dat ik eenvoudig toeschrijf aan de veelheid der inwoners van die hoofdstad.Ik had er voor een paar jaren nog een verren neef.Waar hij nu is, weet ik niet.Ik geloof dat hij naar de West gegaan is.Misschien heeft de een of ander van mijne lezers hem wel brieven meegegeven.
Liever een museum dan een menagerie. t Is waar, het knekelhuis, dat gij eerst door moet wandelen, neemt een goed deel van de illusie weg de anatomie, gelijk alle analyse, is schadelijk aan de poëzie maar de opgezette dieren zijn niet vernederd.Hier ronken zij niet, hier slapen zij niet, hier sterven zij niet, hier zijn zij dood.
enge, bekrompene hokken, achter die dikke tralies, in die slaafsehe, weerlooze, gedrukte, angstige houding, o een beestenspel is een gevangenis, een oudemannenhuis, een klooster vol uitgeteerde bedelmonniken een hospitaal is het, een bedlam vol stompzinnigen.
geloof niet dat het denkbeeld daarvan ooit onder eenig blond of bruin kinderhaar is opgekomen.Neen, neen de school is zoo goed als zij zijn kan.De school wordt, naar de nieuwste verordeningen, zoo aangenaam en dragelijk mogelijk gemaakt.Maar hare genoegens zijn ten hoogste negatief.
goede hemel zegene u allen, goede jongens, die ik ken, en rondom mij zie, en liefheb Hij doe u lang en vroolijk spelen, en als de ernst des levens komt, zoo geve hij u ook een ernstig harte daartoe Maar hij late u tot aan uw laatsten snik nog veel kinderlijke en jeugdigs behouden.
evenwel was hij een beste, eerlijke, trouwe jongen, prompt in zijn zaken, stipt in zijn zeden, godsdienstig, en zelfs in den grond goedhartig.Maar er was iets in hem ik weet het niet dat maakte dat ik met hem niet op mijn gemak was iets lastigs, iets impertinents, in één woord iets volmaakt onaangenaams.
wèl.Maar misbruikt uwe kracht niet.Spot niet, kwelt niet, vernedert niet, dooft niet uit.Geen gevangenhuis, geen tuchtcel, geen schavot, geen kaak, geen draaikooi, geen beesten-spel.Ja, een spel is het, een afschuwelijk wreed spel.Moet gij een spel hebben herstelt het molmend coliséum tot een worstelperk, en hebt ten minste de grootmoedigheid, uw gelijken met hen ten kamp te doen treden.
volgen, tegen halftwee, twee uren, de deftige bewoners uit de stad.De fabrikant met zijn familie, de notaris met zijn familie, de boekhandelaar met zijn familie, en de wereldsche kinderen van den geestelijke, zonder hunne ouders.Ook komen nu de bloemisten van den Kleinen Houtweg met vrouw en kroost opzetten.
verhoogt dan onmiddellijk hun koud geluk tot een hooger temperatuur.Gij slaat een warme hand aan hun thermometer.Ziedaar een mooie opmerking, die ik gemaakt heb, en die ik met dit mooie physische beeld besluit maar over t onderwerp meer nadenkende, heb ik ook wel eens gedacht, of de school dan toch ook de rechte plaats wel was, om het kindergeluk diep te doen gevoelen.
Alles luid genoeg om verstaan te worden door de respectieve eigenaars van het mormel, de leelijke koppen, en den jongen heer.Er zat een statig man, wiens geluk half weg was, omdat hij in den morgen bloemen gezien hebbende in het Cieraad van Flora, bij het inkruipen van een enge broeikas, eenigszins aan een spijker was blijven haken.
Eigenlijk vroolijke onderwerpen heb ik te geenen tijde door de collega s zien behandelen.Ik zelf heb het nooit verder kunnen brengen dan tot de philosophische beschouwing der Tevredenheid een geluk, t welk gewoonlijk door den jongeling voorbij-, en door den man vruchteloos nagestreefd wordt, en dat den grijsaard uitmuntend te pas zou komen, indien zijne lichaamsgebreken hem nog even veroorloven wilden het te genieten een heel mooi ding die tevredenheid, maar in het volop des kinderlijken geluks vanzelf ingesloten en niet opmerkenswaardig.
kwade kant van den edelen groei, dat hij bij de individuen verschilt, en zelfs zóó, dat bij sommige tegen het geprezene grootworden, het verwijtende kleinblijven o verstaat.Nu is het niet pleizierig, ieder keer als men een boodschap van papa of mama komt doen, of bij Lodewijk of Doortje spelen komt, altijd door mijnheer of mevrouw, of de juffrouw, of de meid somtijds, tegen Lodewijks of Doortjes rug gezet te worden, om met de ververschte overtuiging dat men een hoofd of een half hoofd kleiner en een ware peulschil is, naar huis te gaan.
nooit een leeuw gezien gij stelt u iets majestueus voor een ideaal van kracht, grootheid, waardigheid en moed een wezen geheel woede, maar bedwongen door zelfbeheersching, voor zoo lang het verkiest den koning der dieren.Welnu verplaatsen wij ons met onze verbeelding in de woestijn van Barbarije Het is nacht het is het kwade seizoen.
logement op den hoek zit een Zaandamsche familie, gisteren aangekomen, al de mannen zeer lang, en in een volmaakt pak blauwe kleederen uitgedost, met zwarte dassen en witte onderdassen de vrouwen met de nationale kap, en zwarte tanden.Zij drinken reeds koffie, en laten zich van den kastelein, die de vrijheid neemt van in de deur te blijven staan, omtrent vele wetenswaardige dingen onderrichten.
drukt zich niet meer uit.De leeuw stierf in den leeuw de tijger is dood in den tijger.Uwe teekening zou zijn als een portret naar een lijk ontworpen.Gij kunt even zoo goed een petit-maître onzer eeuw tot model voor een zijner Germaansche vaderen stellen, of een mummie afbeelden, en zeggen zoo is een Egyptenaar Nauwelijks kunt gij hunne vormen, hunne omtrekken, hunne evenredigheden zien of berekenen onder de slagschaduwen dezer vierkante kooien.
oorspronkelijke is een lief versje van Hölty, die er wel meer lieve gemaakt heeft, waarvan het alleen jammer is, dat zij jeugdige dichters tot zeer onhollandsche vertalingen verleiden ik althans heb er van dit zelfde versje nog een liggen, die beter onder een Neurenburger legprent Knabenspiele zou passen, dan onder de voorstelling van een hoop aardige Hollandsche jongens.
Nurks evenwel hoorde het met de volmaaktste onverschilligheid aan en nam zelfs onder t verhaal allerlei bijzaken waar.Nu eens, bijvoorbeeld, scheen hij zich met de borst toe te leggen op het vormen van kunstige kringen van tabaksrook dan weder blies hij, volmaakt in de houding van iemand die volstrekt niets anders te doen heeft, de sigaarasch van zijn knie, en zelfs van de tafel dan weder scheen hij al zijn aandacht en belangstelling te wijden aan zijn nog altijd ziekelijken halsboord, die nog telkens nieuwe aanvallen van flauwte had welke veelzijdigheid van oefening mijn opgewonden vriend, die van geestverrukking gloeide, op den duur weinig streelde.
duizend en een species van het genus Haarlemmer bekend is, weet dat zij allen des zondags haar verschillenden wandeltijd hebben iets, t welk zeer natuurlijk wordt, als men aan den verschillenden eettijd denkt, en daarbij in t oog houdt dat er veel menschen naar de middagkerk gaan, terwijl een groot gedeelte niet weet dat er een middagkerk is.
krimpt toe, als het bedenkt wat er, ook van u, worden moet.Of zult gij, die daar beurtelings een frisschen beet uit een zelfden appel doet, in later jaren nooit gewaar worden dat het noodig is den appel in een hoek te nemen en alleen op te eten ja, de schillen weg te stoppen, en de pitten te zaaien voor uwe nakomelingschap En gij die daar geduldig 4uw sterker rug leent aan uw vlugger vriend, die zich op uwe schouders verheft om in den boom het spreeuwenest te zoeken, dat heel hoog ligt zal de ondervinding u de verdrietige wijsheid onthouden, dat het beter is zelf een ladder te krijgen, en zelf het nest uit te halen, dan een goeden dienst te doen en af te wachten óf en hoe men u zal beloonen Dat is de wereld.
Ontziet als iets heiligs het levensgenot uwer kinderen.Zij moeten allen schoolgaan dat is een natuurwet, zoo zeker als die volgens welke zij allen ingeënt, wij allen sterven moeten maar even gelijk wij, naar den gewonen loop der dingen, niet sterven moeten op ons achttiende jaar, wilde ik ook niet dat hun de school overviel vóór hun achtste.
noemen, een nieuwen hoed gekocht hebben geen buitensporig fatsoen geen nationalen bijv., geen te hoogen of te platten bol geen te breeden of te smallen rand een hoed, goed om af te nemen voor een verstandig man en op het hoofd 20 te houden voor een gek, doch stellig een hoed om niets van te zeggen.
overige bemerkt men nu reeds een enkel jong mensch uit deftiger stand, hetzij dan een notarisklerk of een surnumerair bij het gouvernement van Noordholland, die, daar hij geen schepsel wist 27 te verzinnen, aan wien hij na kerktijd een bezoek schuldig was, nu maar naar Stoffels stapt en, verbaasd van daar nog niemand van zijn kennis te ontmoeten, zich met den hond van den kastelein behelpt, die door zijn innemende vriendelijkheid bewijst dat mijnheer habitué is.
M.den koning wilden gehouden hebben. Is dat een rok van je vader vroeg Nurks grappig aan den jongen, die hem zijn limonade bracht, en zich zeker niet zeer bekrompen in dat kleedingstuk bewoog. Ik heb geen vader, zei de arme jongen, en het ging mij door de ziel.
komen Van dat volop des kinderlijken geluks dan, schenen wij toentertijde toch niet heel vol, of althans niet zóo vol te zijn, dat wij het moesten uitstorten.Ik heb wel eens gemeend, dat het een onderscheidend kenmerk des echten, waarachtigen geluks zijn zou, dat het de minste behoefte had zich uit te boezemen, terwijl het ongeluk klachten en verluchtingen noodig heeft om van de tranen niet te spreken.
dichtertjes geweest zijn van zeven, acht, of negen jaar, die hun actueel geluk zoo onvoorwaardelijk hebben geprezen.En toch dezulken waren er de naaste toe.Toen ik op de Hollandsche school ging, maakten wij in de hoogste klasse, bestaande uit heeren van negen tot tien jaar, allen des woensdag-voormiddags een opstel, soms over een gegeven, soms over een door onszelven gekozen en uitgedacht onderwerp.
onderscheidt hem van eenig tam beest Wat van dien lagen hyena, die de kerkhoven schoffeert van dien gevlekten tijger, viervoetige slang die van achteren aanvalt van dien wolf, dien een kloek kozak dood geeselt van dien afschuwelijken mandril, hansworst der verzameling van al die walgelijke apen, daar zooveel menschen zich vroolijk mee maken Altemaal zijn zij opgesloten de vorst als de knecht, de vorst meer dan allen.
kinderen der woestijn zouden hunne broederen, zoo zij ze hier zagen, verachten en verloochenen.Berg dat zilveren potlood, steek die portefeuille op, gij teekenaar Maak hier geene schetsen.Gij hebt geene wilde dieren voor het zijn 16 er slechts de vervallen overblijfsels van zij zijn naar ziel en lichaam gekraakt.
ontneemt u het schoone zinnebeeld der moederliefde, dat gij in den pelikaan zaagt, en maakt liever een slaapmuts van zijn onderkaak.Ellendige potsenmaker, straffeloos lasteraar, die zijne beteren bespot.Met een paar knevels en een stok loopt hij om, en speelt den held onder de gevangenen.
zoudt gij dan het eigenaardige van hunne houding kunnen raden Ze zijn hier als planten in een kelder zij verkwijnen zij zijn in een droevigen staat van ongevoel, een naren dommel verzonken.Zij sterven sinds maanden.Het licht hindert hen.Zij zien er dom, verstompt uit.
species rangschikt, en men tevens achtslaat op de vreemde vogelen, die uit andere luchten op een zonnigen zondag komen aanwaaien, dan zal men een aaneengeschakelde opvolging hebben, niet ongelijk aan die der elkander, naar de schoone vergelijking van Homerus, als boombladeren wegstootende geslachten in het bestaan des menschdoms, of aan die der elkander voortstuwende barbaren van het Europa der vijfde eeuw.
intusschen verkeerd doen, zich dien waardigen Amsterdamschen jongen voor te stellen als ongelukkig, ontevreden, of zwartgallig.Hij was alleen maar hatelijk, en zulks deels uit gewoonte, deels uit een diepe en misschien voor hemzelven verborgen jaloezie.
Hollandsche jongen is grof fiksche knieën, fiksche knokkels.Hij is blank van vel, en kleurig van bloed.Zijn oogopslag is vrij bij t brutale af.Liefst draagt hij zijn ooren buiten zijn pet.Zijn haar is van zondagmorgen half elf tot zaterdagavond, als hij naar bed gaat, in volkomen wanorde.
daarop verliet hij ons een oogenblik om een knijpbriefjen af te vaardigen, welk punt des tijds onmiddellijk door Nurks werd waargenomen, om mij met de aanmerking op te winden Die vriend van jou lijkt sprekend op dien schoenenjood, die altijd op den hoek van de Vijzelstraat en de Heerengracht staat en toen ik groote oogen opzette, och ja, je weet wel, die leelijke kerel net of hij een trap van een paard gehad heeft.
alleen in bedenking aan alle kinderminnende harten, en waag het niet, met zoo weinig ondervinding als Hildebrand de baardelooze Hildebrand, zullen de recensenten zeggen in zoo weinig jaren heeft kunnen opdoen, mijne meening te staven.Om het onderwerp eene wending te geven, en van een andere ramp uit het tranendal der kinderen te spreken, noem ik het wisselen der tanden.
sedert halftien op de school, waar gij den voet hebt ingezet, met benijding terugziende op de armelui s kinderen, die geen opvoeding krijgen en duitjen òp speelden op straat.Eerst hoeft men u gedwongen met al uwe speelsche lotgenooten het lied aan te heffen Wat vreugd, het schooluur heeft geslagen, Waarnaar elk kind om t zeerst verlangt.
Hollandsche jongen, het is waar, slaat zijne bokken hardvochtig, maar in t geven van roggebrood aan diezelfde dieren heeft hij zijns gelijken niet.De Hollandsche jongen is veel minder ingenomen met de leerwijze van Prinsen dan de Hollandsche schoolmeester maar wat de opvoeding van plakkers en paapjes betreft, hierin zou hij een examen kunnen doen voor den eersten rang.
dergelijk gezelschap had mijn vriend Nurks, die in de universaliteit van den elfden deelde, dan gelegenheid gehad om zijn hart te luchten over den lastigen dikken weerga een oom van een der gasten, die altijd den Haarlemmer las als hij hem wou hebben, in de eene, en den onverdragelijken langen zwiep een vollen neef van een ander der aanwezigen, in de andere, die altijd pot maakte als hij pas begonnen was carambole te spelen.
Kende hij mijn lievelings-auteur, hij haalde er in gezelschap de leelijkste plaatsen uit aan, met bijvoeging van zoo als Hildebrands hooggeloofde die of die zegt.Waagdet gij nog eens een oude anecdote, die u veel genoegen verschaft had, waarvoor gij dus billijk eenige genegenheid voeddet, en waarvan gij u ook deze maal nog al vrij wat beloofdet, omdat allen zich hielden als of zij haar niet kenden hij bedierf er de uitwerking van, door juist als t op de aardigheid aankwam, het verhaal al raffelende voor u af te maken, van den Enkhuizer Almanak van t jaar één te spreken, en te zeggen dat alle anecdotes laf zijn, en dit er een was, die hij honderd malen van u gehoord had.