Lorem ipsum a généré 40 paragraphes pour vous.
Vous pouvez utiliser ce texte lorem ipsum dans vos maquettes, sites web, design, ebook... Le texte généré aléatoirement est libre de droit.
Le faux texte a bien été copié
overige bemerkt men nu reeds een enkel jong mensch uit deftiger stand, hetzij dan een notarisklerk of een surnumerair bij het gouvernement van Noordholland, die, daar hij geen schepsel wist 27 te verzinnen, aan wien hij na kerktijd een bezoek schuldig was, nu maar naar Stoffels stapt en, verbaasd van daar nog niemand van zijn kennis te ontmoeten, zich met den hond van den kastelein behelpt, die door zijn innemende vriendelijkheid bewijst dat mijnheer habitué is.
Daarna hebt gij een uur gelezen van het model van een braven 8 jongen, zoo braaf, zoo zoet, zoo gehoorzaam, zoo knap en zoo goedleersch, dat gij hem met pleizier een paar blauwe oogen zoudt slaan, als gij hem op straat ontmoette of, indien gij al wat verder zijt, de levensschets van een onbegrijpelijk groot man, wien na te volgen u pedant en wanhopig toeschijnt, en door welke levensschets kunstiglijk een samenspraak is heengevlochten van knapen en meisjes, voor wie gij ook al geen de minste sympathie gevoelt, al staan zij ook waarlijk verbaasd over de ontzettende kundigheden van dien man, daar vader Eelhart of Braafmoed van verhaalt.
dikwijls den maatstaf, waarbij hij de kinderen meet, te klein en te bekrompen neemt, en menige vreugd, die hij den jeugdigen van harte gunt, terughoudt omdat hij in zijne mannelijke wijsheid besluit dat zij er eigenlijk nog te klein voor zijn, en er waarlijk nog niet aan zouden hebben.
Eigenlijk vroolijke onderwerpen heb ik te geenen tijde door de collega s zien behandelen.Ik zelf heb het nooit verder kunnen brengen dan tot de philosophische beschouwing der Tevredenheid een geluk, t welk gewoonlijk door den jongeling voorbij-, en door den man vruchteloos nagestreefd wordt, en dat den grijsaard uitmuntend te pas zou komen, indien zijne lichaamsgebreken hem nog even veroorloven wilden het te genieten een heel mooi ding die tevredenheid, maar in het volop des kinderlijken geluks vanzelf ingesloten en niet opmerkenswaardig.
altijd met zijne vingers ergens aan.Ik ken nog iemand die nooit rookt, maar dat is de miserabelste kerel van de wereld. Ik begreep dat ik al vrij veel kans had om, bij eventueel overlijden van dien heer, denzelven in zijn hoogen rang in de schatting van mijn neef op te volgen.
gerust geweten, en met het zalig gevoel van als ijverig lid der maatschappij uw plicht gedaan te hebben, zoudt gij uw lei aan den ondermeester overgeven om te laten nacijferen.Maar neen het hatelijk rekenboek geeft, onder den verwaanden titel Uitkomst, op 95 lasten, 2 mudden, 1 schepel rogge, en niet ééne kop of maat.
blijkbaar dat gij u vergist hebt driemaal doet gij al de vermenigvuldigingen en deelingen over en weer over eindelijk besluit gij alles uit te veegen, en nog hebt gij uw mouw op de lei, als de ondermeester komt om te gelooven dat gij niets hebt uitgevoerd.
aankondigden de komst der notarissen, der fabrikanten, der boekverkoopers, der doctoren, der apothekers, der bloemisten, der zusters en broers enz., die nog achter ons waren. Wat zien uw stadgenooten er over t algemeen peu fashionable uit zei Nurks, met dien bijzonderen lach, die de Engelschen a sneer noemen, een zeer druk en aangenaam gesprek afbrekende en oogenblikkelijk weer opvattende, om mij het antwoorden te beletten.
gingen Houtwaarts.Het was ruim één ure.Nu, alle welopgevoede dingen hebben hun gestelden tijd.De nachtegalen komen in t voorjaar, de vinken en lijsters in t najaar de zon schijnt bij dag, de kaars bij avond, en de maan bij nacht.Zoo is het ook met de menschensoorten.
spreken dat gij gekweld zijt geweest met een linksche pen, ontelbare haren in den inkt, een klad of drie, met kunstenaars achteloosheid over uw schrijfboek verspreid, en de onverbiddelijke wet dat gij maar tweemaal uw pen op mocht steken om ze te laten vermaken, door een ondermeester, die even zoo ver is in die kunst als gij in t schrijven.
volgde een gesprek, voornamelijk bestaande uit eenige informatiën naar wederzijdsche kennissen, waarin geen enkele onaangenaamheid voorkwam, dan dat hij, toen ik naar een zeer intiemen vriend vroeg, dien hij zeer wel kende, noodig had zijn geheugen op te scherpen met de herinnering, of het die was, wiens broer die smerige affaire met de politie gehad had, opdat Boerhave, die daartoe al den tijd had, zoo mogelijk allerlei vermoedens tegen de familie zou kunnen opvatten.
M.den koning wilden gehouden hebben. Is dat een rok van je vader vroeg Nurks grappig aan den jongen, die hem zijn limonade bracht, en zich zeker niet zeer bekrompen in dat kleedingstuk bewoog. Ik heb geen vader, zei de arme jongen, en het ging mij door de ziel.
menagerie o Gij, heeren der schepping ik weet niet of gij in de 19de eeuw onzer jaartelling, en zoo ver van het paradijs, dien naam nog verdient.maar gij hoort hem zoo gaarne, en zijt er zoo hoovaardig op o gij, heeren der schepping laat u gelden in het 18 dierenrijk, laat u gelden bij al wat slagtanden, klauwen, hoeven en horens heeft.
kinderen der woestijn zouden hunne broederen, zoo zij ze hier zagen, verachten en verloochenen.Berg dat zilveren potlood, steek die portefeuille op, gij teekenaar Maak hier geene schetsen.Gij hebt geene wilde dieren voor het zijn 16 er slechts de vervallen overblijfsels van zij zijn naar ziel en lichaam gekraakt.
heraut, met den geschilden wilgetak in de hand, noodigt u uit.Zijne majesteit geeft audiëntie.Zijne majesteit is voor geld te kijk.Zijner majesteit staatsdame licht het behangsel op.Gij zijt in zijner majesteit onmiddellijke 15 tegenwoordigheid.
daarop verliet hij ons een oogenblik om een knijpbriefjen af te vaardigen, welk punt des tijds onmiddellijk door Nurks werd waargenomen, om mij met de aanmerking op te winden Die vriend van jou lijkt sprekend op dien schoenenjood, die altijd op den hoek van de Vijzelstraat en de Heerengracht staat en toen ik groote oogen opzette, och ja, je weet wel, die leelijke kerel net of hij een trap van een paard gehad heeft.
wenschte ik mijn medeschepselen te zien, zoo als ik ze op plaat I.van iederen prentenbijbel zie, in aardige groepen door elkander geschikt, allen in hunne natuurlijke houding den leeuw, met een opgeheven voorpoot, als op brullen staande de kaketoe, van een boomtak nederkijkende, als om te onderzoeken wat voor kleur van haar Adam heeft en niet, och, ik bid u, niet in die afschuwelijke ijzeren schommels een soort van groote lijsterbogen in eeuwige beweging 14 de boa in t verschiet, om den boom in schoone verleidelijke bochten gekronkeld, en naar den noodlottigen appel opziende den adelaar, hoog in de lucht zwevende, als een nauwelijks merkbare stip ja, dan nog veel liever geheel onzichtbaar, dan zóó als ik hem in een beestenspel zie Zoo zou het mij aangenaam en belangrijk zijn.
aanvliegen hij zal zijn nagelen klemmen in zijne lenden hij zal aan hem hangen blijven hij zal hem de blanke slagtanden in den korten rimpeligen nek slaan één oogenblik en hij zal hem afmaken, hem in stukken scheuren en zijnen honger bevredigen.
grooten schreeuw gaaft gij uwe vreugde over het laatste artikel te ennen. Laat ik je mond reis effen zien, zei mama wat een dubbele tand en weg was uw vreugd Gij droopt af alsof gij op een zware misdaad betrapt waart waarschijnlijk zoudt gij onder uwe kwelling nestig en kribbig zijn tegen Keetje, het tulbandje zou geene bekoorlijkheden voor u hebben, de aardbeien geen smaak en ge zoudt naar bed gaan en droomen van den tandmeester Vergeefs beproefdet gij achtereenvolgens alle huismiddelen wiggelen met den vinger, bijten op een harde korst, die gij evenwel om eventueele pijn te vermijden, in een gansch anderen hoek van uw mond inbracht aanleggen van een draad garen, waaraan ge toch niet durfdet trekken.
jaren geleden zijn ik moet zuinig omgaan met jaren, want ik ben nog zoo jong dat mijn neef Nurks mij op zaterdag den 14den Juli gij kunt den almanak nazien of het uitkomt weder een steen zond, die mij dan ook als zoodanig op het hart viel.
nooit een leeuw gezien gij stelt u iets majestueus voor een ideaal van kracht, grootheid, waardigheid en moed een wezen geheel woede, maar bedwongen door zelfbeheersching, voor zoo lang het verkiest den koning der dieren.Welnu verplaatsen wij ons met onze verbeelding in de woestijn van Barbarije Het is nacht het is het kwade seizoen.
Nurks evenwel hoorde het met de volmaaktste onverschilligheid aan en nam zelfs onder t verhaal allerlei bijzaken waar.Nu eens, bijvoorbeeld, scheen hij zich met de borst toe te leggen op het vormen van kunstige kringen van tabaksrook dan weder blies hij, volmaakt in de houding van iemand die volstrekt niets anders te doen heeft, de sigaarasch van zijn knie, en zelfs van de tafel dan weder scheen hij al zijn aandacht en belangstelling te wijden aan zijn nog altijd ziekelijken halsboord, die nog telkens nieuwe aanvallen van flauwte had welke veelzijdigheid van oefening mijn opgewonden vriend, die van geestverrukking gloeide, op den duur weinig streelde.
regenschermen.De wijfjes zijn wit.Zij houden haar opperkleed op, zoo dikwijls ze over een droppel water stappen, en dragen t geheel opgesteld als er wezenlijk plassen liggen van den regen van zaterdag.Zij eten gestadig uit haar zak sommigen in den zwerm hebben daarenboven nog een toegeknoopte kinderluur met mondkost bij zich.
goede hemel zegene u allen, goede jongens, die ik ken, en rondom mij zie, en liefheb Hij doe u lang en vroolijk spelen, en als de ernst des levens komt, zoo geve hij u ook een ernstig harte daartoe Maar hij late u tot aan uw laatsten snik nog veel kinderlijke en jeugdigs behouden.
Jannen, Pieten, Willems en Heinen, waarmee ik in de Jacobijnenstraat te H.op de banken zat, tot getuigen, of er ooit iemand is geweest, die zijn lei volgeschreven heeft met een optelling der genoegelijkheden of een uitweiding over t ongestoord geluk des kinderleeftijds.
evenwel was hij een beste, eerlijke, trouwe jongen, prompt in zijn zaken, stipt in zijn zeden, godsdienstig, en zelfs in den grond goedhartig.Maar er was iets in hem ik weet het niet dat maakte dat ik met hem niet op mijn gemak was iets lastigs, iets impertinents, in één woord iets volmaakt onaangenaams.
wenschte hem op een allerliefste buitensociëteit vol vermoakelijkheden, of op een dolprettig diné aan den Berenbijt, met drie leden van De Munt en zeven van Doctrina, waar men elkander allergeestigst met het wederzijds ophemelen der beide sociëteiten plagen kon, tot groote bemoeilijking van den elfden man, die lid van beiden was, en den Doctrinisten wel gelijk wilde geven, omdat ze de meerderheid hadden, maar den Munters niet afvallen, omdat ze de grootste heeren waren.
wezenlijk, de Hollandsche jongens zijn een aardig slag.Ik zeg dit niet met achterstelling, veel min verachting, van de Duitsche, of Fransche, of Engelsche knapen, aangezien ik het genoegen niet heb andere dan Hollandsche te 2 kennen.Ik zal alles gelooven wat Potgieter, in zijn tweede deel van het Noorden, over de Zweedsche, en wat Wap in het tweede deel van zijne Reis naar Rome, over de Italiaansche in t midden zal brengen maar zoolang zij er van zwijgen, houd ik het met onze eigene goed-gebouwde, roodwangige, sterkbeenige en, ondanks de veete tegen de Belgen, voor t grootst gedeelte blauwgekielde spes patriae.
jeugd is heilig zij moet voorzichtig en eerbiedig behandeld worden de jeugd is gelukkig, maar men moet zorgen, dat zij zoo min mogelijk deelt in de rampen der samenleving, voor zoo ver zij die in hare jaren kan ondervinden.Men moet haar soms kwellen en lastig vallen tot haar nut maar passen wij vooral op, dit niet te overdrijven Een geheel volgend leven kan geen gedrukte jeugd vergoeden want welke zaligheid zouden latere jaren te stellen hebben tegenover het verspeelde geluk eener schuldelooze jonkheid Neen, ik wil niet naar t beestenspel Ik houd er niet van.
lucht is donker de wolken zijn dik en drijven onstuimig en snel heen en weder de maan scheurt ze nu en dan met een waterachtigen straal.De wind huilt door t gebergte de regen ruischt van verre gromt de donder.Ziet gij daar dat gevaarte, met dichte struiken bewassen, zich afteekenen tegen de lucht ziet gij daarin die donkere rotskloof, beneden, gapende, boven zich verliezende in heesters en distelen Het bliksemt ziet gij ze Houd uw oog derwaarts gericht.
Spreek mij niet van groote-menschen-jammeren Zij halen niet bij deze.Geen koopman die op springen staat ziet met meer angst den dag tegemoet waarop hij zal worden omvergegooid, 11 dan een blijde jongen of vroolijk meisje den dag, waarop men scheiden zal van den dubbelen tand Wij zijn aan de physieke rampen.
nergens aan mogen komen, alsof men geheel handeloos en met een instinct om alles nu ook 12 maar stuk te gooien en te breken in de wereld was gekomen En dan het paaien met zoetigheid, als men zich juist gisteren te groot is begonnen te voelen voor koekjes tot den prijs van iets anders En dan de velerlei beschaamdzettingen, die men ondergaat, omdat iedereen gelooft dat een kind menig ding niet gevoelt dat hem toch diep gaat Waarlijk, waarlijk, men heeft in de maatschappij menig menschenschuw, bloohartig, en zenuwachtig wezen doen opgroeien, alleen doordat men het als kind te jong en te klein voor gevoel van waarde achtte.
voorste zat zoo vast als een muur.Zes dagen lang verborgt gij uw leed somtijds vergat gij het maar zesmaal daags, midden onder uw spel, bij het genot van de lekkerste krakeling, onder t bewerken van de zoetste ulevel daar stond weer eensklaps voor uw oog, die akelige, allerakeligste dubbelheid Uw eenige troost was, dat de voorman vanzelf wel wat losser zou worden.
Waarlijk, lieve dame, die de wereld zoo trouweloos en de mannen zoo wuft vindt la perte des illusions kan op uwe jaren nauwelijks zoo zwaar wegen als la perte des dents op de hunne.Herinnert ge t u nog wel Gij voelde neen, gij voelde toch niet ja, helaas, gij voelde maar al te zeker dat gij een dubbelen tand hadt.
aardig, en wij hebben het aan de veranderde uitspraak van de namen der medeklinkers te danken, dat zij op hun vijfde jaar met kleinen Piet zeggen kunnen Nu kan ik al le-zen maar ik weet niet of kleine Piet op zijn tiende jaar, in massa, zoo veel meer geprofiteerd zal hebben 10 dan een ander, die op zijn zevende of achtste begonnen is met de spa te werken.
Hollandsche jongen, het is waar, slaat zijne bokken hardvochtig, maar in t geven van roggebrood aan diezelfde dieren heeft hij zijns gelijken niet.De Hollandsche jongen is veel minder ingenomen met de leerwijze van Prinsen dan de Hollandsche schoolmeester maar wat de opvoeding van plakkers en paapjes betreft, hierin zou hij een examen kunnen doen voor den eersten rang.
bloemliefhebber kreeg een kleur als een Cactus Speciosa, om welke te verbergen hij in verwarring naar zijn zakdoek greep om zijn neus te snuiten, zoodat de maan weer plotseling door de wolken brak, tot groote vroolijkheid van een gezelschap Amsterdamsche juffrouwen en heeren uit een manufactuur-winkel, dien zich op dien merkwaardigen dag op zijn minst voor staatjufferen en kamerheeren van Z.
kwade kant van den edelen groei, dat hij bij de individuen verschilt, en zelfs zóó, dat bij sommige tegen het geprezene grootworden, het verwijtende kleinblijven o verstaat.Nu is het niet pleizierig, ieder keer als men een boodschap van papa of mama komt doen, of bij Lodewijk of Doortje spelen komt, altijd door mijnheer of mevrouw, of de juffrouw, of de meid somtijds, tegen Lodewijks of Doortjes rug gezet te worden, om met de ververschte overtuiging dat men een hoofd of een half hoofd kleiner en een ware peulschil is, naar huis te gaan.
geheel geen kniezer, altijd vroolijk gestemd en de vroolijkheid beminnende maar hij scheen er een genoegen in te vinden, zijnen vrienden kleine grieven aan te doen, en niet alleen zijnen vrienden, maar in het algemeen de onschuldigste menschen van de wereld.
oogenblik staat hij met opgeheven hoofd brullende stil.Hij schudt de zwarte manen.Eén sprong Achter uw wachtvuur, onvoorzichtige Hongerig gaat hij om met woeste bewegingen, met ongeregelde sprongen, met schrikkelijke geluiden.Wien zal het gelden Een breedgeschoften buffel misschien, die hem met gebukten hoofde en sterke hoornen zal opwachten.