1 5 10 20 30 1 5 10 20 30 1 5 10 20 30 1 5 10 20 30 1 5 10 20 30 1 5 10 20 30 1 5 10 20 30 1 5 10 20 30 1 5 10 20 30
broek voert hij met zich al wat de tijd opgeeft dat wisselt lezen er ook niet meer tot onze schrikbarende verveling de Haarlemmer verdient een dommen glimlach aan den een een drinkgeld Hollandsche jongen het is waar slaat zijne bokken hardvochtig bekrompene hokken achter die dikke tralies in die slaafsehe weerlooze school blijft altijd iets van het gevangenisachtige en de meester